Belgisch Koken    Een receptengids voor de hobbykok

Zeebaars met bouchot mosselen

Bak de visfilets 10 minuten op de velkant op gematigd vuur tot het vel krokant is. Bedruip regelmatig en bak daarna nog kort op de andere kant. Kook de mosseltjes in een beetje water met mosselkruiden. Haal ze uit de schelp, maar bewaar er een paar met schelp. Droog af op keukenpapier en bestuif met vloeiende bloem. Bak ze kort in een hete pan met zeer weinig bakmiddel en op hoog vuur. Blancheer de zeebanaantjes kort. Frituur platte peterselie in een pan met een lepeltje olijfolie. Mosselsaus: zeef het kookvocht en laat inkoken met room, witte wijn, verse dragon en visfond. Breng op smaak met peper, zout en gedroogde sjalotjesvlokken. Bind indien nodig. Maak een wortelcrème. Stoom jonge wortelen gaar en pureer tot crème met een scheut room en een lepel yoghurt of zure room. Kruid met peper, zout en komijnpoeder.  Maak zurkelpuree. Stoom een halve witte kool gaar. Stoof een gesneden ui aan in boter, voeg de witte kool toe en laat een paar minuutjes sudderen. Zet er dan de handmixer in en pureer. Voeg een klont boter, een ei, een potje zurkel een paar lepels Griekse yoghurt en een scheutje room toe. Kruid met nootmuskaat, peper en zout. Op het bord: een streep wortelpuree, daarop een lepel puree en een visfilet. Werk af met de saus, de mosseltjes met en zonder schelp, zeebanaantjes en de gefrituurde peterselie.
zeebaarsfilet bouchotmosseltjes mosselkruiden zeebanaantjes zurkel boter mosselkruiden vloeiende bloem room Griekse yoghurt witte wijn visfond jonge worteltjes witte kool ei ui peper en zout komijnpoeder nootmuskaat gedroogde sjalotjes platte peterselie verse dragon olijfolie
De Belgische keuken met Europese invloeden
De Belgische keuken met Europese invloeden
Belgisch Koken    Een receptengids voor de hobbykok

Zeebaars met

bouchot mosselen

zeebaarsfilet bouchotmosseltjes mosselkruiden zeebanaantjes zurkel boter mosselkruiden vloeiende bloem room Griekse yoghurt witte wijn visfond jonge worteltjes witte kool ei ui peper en zout komijnpoeder nootmuskaat gedroogde sjalotjes platte peterselie verse dragon olijfolie
Bak de visfilets 10 minuten op de velkant op gematigd vuur tot het vel krokant is. Bedruip regelmatig en bak daarna nog kort op de andere kant.   Kook de mosseltjes in een beetje water met mosselkruiden. Haal ze uit de schelp, maar bewaar er een paar met schelp. Droog af op keukenpapier en bestuif met vloeiende bloem. Bak ze kort in een hete pan met zeer weinig bakmiddel. Blancheer de zeebanaantjes kort. Frituur platte peterselie in een pan met een lepeltje olijfolie. Mosselsaus: zeef het kookvocht en laat inkoken met room, witte wijn, verse dragon en visfond. Breng op smaak met peper, zout en gedroogde sjalotjesvlokken. Bind indien nodig. Maak een wortelcrème. Stoom jonge wortelen gaar en pureer tot crème met een scheut room en een lepel yoghurt of zure room. Kruid met peper, zout en komijnpoeder.  Maak zurkelpuree. Stoom een halve witte kool gaar. Stoof een gesneden ui aan in boter, voeg de witte kool toe en laat een paar minuutjes sudderen. Zet er dan de handmixer in en pureer. Voeg een klont boter, een ei, een potje zurkel een paar lepels Griekse yoghurt en een scheutje room toe. Kruid met nootmuskaat, peper en zout. Op het bord: een streep wortelpuree, daarop een lepel puree en een visfilet. Werk af met de saus, de mosseltjes en de gefrituurde peterselie.